Over ijsberen en ballet
De laatste les voor de kerstvakantie. Ik liet vier plaatjes zien. Iedereen mocht er eentje uitkiezen. En daar dan een kort verhaal (of gedicht) over schrijven. Hieronder staan de allermooiste zinnen uit de korte verhalen en gedichtjes over ijsberen (plaatje 1), een balletdanseres (plaatje 2), twee vechtende jongetjes (plaatje 3) en een schatkist (plaatje 4).
IJsbeer
De ijsbeer ging naar de wc met een massagestoel en de ijsberen de Eskimo leven nog lang en gelukkig
Shabana
Erg ging geen dag voorbij dat de ijsbeer niet gepest werd.
Demi
De moeder zei: ‘Jongens, ik zie een iglo in de verte. Komen jullie? Dan gaan we een kijkje nemen.’
Jacqui-rae
Er waren eens twee ijsberen die alleen maar rondjes liepen.
Maxime
De grote ijsbeer dacht: denken jullie nu alleen maar aan eten? Maar per ongeluk kwam het uit zijn mond.
Lisa
Maar de twee kleintjes wel. Ze bleven staren naar de grote ijsbeer.
Moeder ijsbeer had pijn aan haar rug. De Eskimo masseerde haar.
Hij wou al het eten dat ze hadden. De moeder stond dat niet toe.
Floor
Een van de ijsbeerkinderen was opgegeten door de pinguïn. Toen ging de ijsbeermoeder vechten met de pinguïn. De ijsbeer won en toen kreeg ze haar kind terug.
Bente
Op een dag waren de ijsberen op pad. Ze hadden best honger, maar ze gaven niet op.
Mink
Het lukt de ijsbeer niet om de pinguïn te pakken. Maar de ijsbeer geeft niet op.
Damian
Papa keek erin, met zijn billen omhoog. Dat zag er raar uit.
Romy
Maar toen had de Eskimo nog een probleem, want zijn vinger was er natuurlijk af.
De man in de iglo heeft het koud. O ja, hij heet Wout.
Floris
Er was eens een ijsbeer die raar en nieuwsgierig was. Hij keek bijna overal in. Bijvoorbeeld in een iglo, een hok van een ander dier en nog veel meer.
Ilse
De ijsberen namen de weg van het water. De mensen gingen te voet.
‘Nee,’ zei de moeder. ‘Dat kan niet. We blijven gewoon hier wonen waar we altijd hebben gewoond.’
Angelina
Ze waren heel dik aangekleed. Het was op de Noordpool -34 graden.
De kinderen gingen weg. Ze waren bang voor Jado, want hij was slecht. Intussen was de moeder van de kinderen al verliefd geworden op Jado.
Mama ijsbeer en haar jonkies ruiken vis en volgen het spoor. Het spoor leidt hen naar een iglo. Eskimo’s bakken vis!
De moeder moest elke dag vers eten zoeken. Op een dag was ze uitgeput. Ze kon niet meer opstaan.
De ijsbeer is illegaal in dit land
Ze hebben best wel een kleine hut.
De ijsbeer was heel erg verliefd op een vrouwtjesijsbeer. Dus hij was bezig om haar te versieren. Maar hij wist niet hoe. Hij zat de hele dag in zijn iglo na te denken hoe dat moest. Na al dat denken had hij het gevonden: hij ging snel naar haar toe en ging zichzelf zijn. En het lukte. En ze leefden nog lang en gelukkig.
De ijsbeer is rond
Dus gingen ze daar wonen
Zo kunnen wij ijsberen voor hun bestaan dus belonen.
Toen hij thuiskwam deed hij zijn la open en vond geluk.
Toen kon zijn dag niet meer stuk.
Ze hadden alles. En als ze te dik waren, gingen ze op dieet.
De jongen woonde hier vlakbij. En ze vonden de jongen echt heel aardig.
Op de Noordpool, waar het heel koud is en waar alleen maar sneeuw is, woonde een familie ijsberen. Een moeder en twee kleintjes.
Ze trekt en duwt, maar nee. De baby’s kijken naar hun mama. De iglo is te klein en de billen van mamabeer zijn te groot.
Dit was mijn gedicht
De ijsbeer wou visjes eten
De kinderen spelen elke dag op het ijs en springen in het ijskoude water.
Op een dag ging de ijsbeer naar een restaurant. Hij bestelde één zak friet, bier en een hamburger.
De ijsbeer zag een Eskimohuisje. Zij keek erin en zag een ijsbord met heel veel vlees.
Op de Noordpool zaten vier Eskimo’s in een iglo. Ze waren bang. Bang voor Henri. Henri was een reusachtige ijsbeer die de vier Eskimo’s wilde opeten.
Er was eens een ijsbeer die was gescheiden.
Het begon op een dag. Iedereen stond op met een lach. Behalve Ihmabra. Hij werd verbannen uit Nederland en moest naar de Noordpool.
Ayman
Ballet
Mijn moeder zat al heel lang op ballet.
Andreia
Ik ben een meisje en ik heet Roos.
Roxanne en Sanne zijn erg zenuwachtig. Dit is de eerste keer dat ze gaan optreden. Ze hebben hun balletpakjes al aan. Ze gaan nog één keer oefenen, nu het nog kan.
Maar we geven soms les
Vechtende jongetjes
Twee broers vonden het nooit leuk om met elkaar te zijn.
Er waren eens twee jongens. Ze maakten ruzie om hun money
Er waren eens twee jongetjes. Die waren heel erg rijk. Ze hadden een eigen wijk.
Dina
De een deelde een stoot uit in de ander z’n gezicht. En de ander stootte ook de een in de buik.
Tom geeft Tim een beuk. Auw! En Tim geeft Tom een beuk. En het loopt uit op een gevecht.
Mama zei: ‘Jullie zitten toch niet om een videospel te stoeien, Bart?’
Toen ging mama vrolijk verder met koken.
Toen zei Alex: ‘Wacht, we maken een kalender!’
De ruzie was opgehouden na het goede idee.
Aapje neemt wraak. Hij heeft een truc. De truc 57.
Jake die ging schelden over Blake’s moeder. Dat vond Blake niet fijn. Dus hij schold terug en zei ook: ‘Praat niet zo over mijn moeder.’
‘Mam, ik ben zo boos op Jaap. Hij scheldt me de hele tijd uit.’
De moeder van Jan zei: ‘Dat moet jij echt alleen oplossen.’
Maar die jongetjes hadden niet een prettige naam. Ze heetten ‘Jantje de Vieze’ (met een eendenonderbroek aan). Gek toch? En die andere heet ‘Pakiritje de domme’.
Soram en Plito waren beste vrienden. Maar toen Plito een keer geld van Soram had gestolen werd het menens.
Maar als de ouders op het vliegveld staan, zijn ze Bas en Joris kwijt. Die waren thuis ruzie aan het maken. Zo erg dat ze vergeten waren dat ze op vakantie gingen. Bas slaat Joris met zijn elleboog, en schopt hem ook nog.
De dokter zei: ‘Hij heeft een hersenschudding.’
Het deed erg pijn. Ze kregen allemaal blauwe plekken maar ze gingen nog steeds door en door.
De twee jongens waren weer vrienden. Ze deden elkaar geen pijn meer. Ze deden andere kinderen pijn en vertelden niks aan hun vader en moeder.
Ik viel op mijn tand. Nu zit-ie nog losser.
‘Is goed, maar niet zo hard.’
Ze vechten er nog een tijdje op los. Dan komt mama en zegt: ‘Verdomme! Wat doen jullie? Jullie zitten onder het bloed! Kom mee naar binnen. Uitpraten.’
Schatkist
Was dat een verhaal of een avontuur, of niet?
Marc
De piraten zoeken de schat. Maar ze zijn moe.
Op een dag keek ik in mijn geldkist. Ik schrok vreselijk. Wat zag ik? Ik was woedend. Dat zou mijn vader wel weer geweest zijn.
Ze namen hem mee zonder iets te zeggen. Hij stapte uit. Tot zijn verbazing zag hij een heleboel blauwe gezichten.
De jongen zei: ‘Er lag toch een kaart op? Misschien ligt op dat adres wel de sleutel!’
‘Ja,’ zei Dennis. ‘We moeten naar de schat. Dus ga naar bakboord.’
Op een dag kwam een agent. Hij schoot de ouders neer en gaf de kinderen de kist. De kinderen vierden feest. Het was een test of de ouders niet gierig werden. Vandaar.
Er was eens een man die van goud hield. Hij zei in zichzelf: ik moet en zal een schat vinden.
Hij heeft nog niks gevonden. Nou ja niks... Eén klein deeltje van de kaart. Bas zet zijn zoektocht verder.
Ilse
Op een gegeven moment zaten allebei de veters van Piet los. Dus struikelde Piet. En Steven rende weg met de schat en een glimlach op zijn gezicht.
Jasmin
Toen brak de boot en belandden ze in België. Bij de haven zei een man: ‘Allez manneke.’
Ze kwamen er al snel achter dat ze niet eens over de zee moesten. Dus ze lieten het schip maar staan en gingen te voet verder.
‘Ik ben bang.’
Een mes kan in een la
