Over doorgaan met beginnen...

Zo. Wat een stapel leeswerk was dat in mijn mailbox! De meest fantastische beginnen van verhalen, en soms zelfs al bijna (of helemaal) affe verhalen. Ik stopte allerlei stukjes uit de verhalen in een grote powerpoint en met die powerpoint op mijn usb-stickje fietste ik naar De Mijlpaal...

Nee. Makkelijk was het deze keer misschien niet. Maar toch begreep iedereen heel goed waar het over ging. We hadden het over waar een verhaal over gaat (de inhoud) en hoe je een verhaal vertelt (de vorm). 

Een verhaal over een prins die een
prinses gaat bevrijden uit de klauwen
van een vuurspuwende draak


Dat is dus inhoud. Maar hoe wil je dat verhaal opschrijven? Dat kan op wel duizend verschillende manieren. In duizend verschillende vormen. 

De prins zag de zevenkoppige draak. Met zijn zeven vuurspuwende bekken. Veertien vernietigende ogen. Evenzoveel puntige oren. De prins wilde niets liever dan met zijn scherpe prinsenzwaard al die afschuwelijke drakenkoppen afhakken. Maar hoe?

Of de ik-vorm?

Ik zag de draak. Wat een beest! O wat wilde ik graag die vuurspuwende koppen afhakken! Helaas had ik nog geen idee hoe ik dat voor elkaar kon krijgen.

Of toch liever in de tegenwoordige tijd?

De prins ziet de draak. Hij voelt aan zijn zwaard. Hoe – denkt de prins – moet ik al die zeven vuurspuwende koppen er straks afhakken?

Of eigenlijk liever...?

De prins zag de draak en voelde aan zijn zwaard. Hij vroeg zich af hoe hij dat zevenkoppige monster ooit zou kunnen verslaan.

Ja! Meer dan duizend manieren dus. En het leuke is dat je als schrijver helemaal zelf kan bepalen welke vorm je kiest. maar als je eenmaal een vorm hebt gekozen, is het vaak ingewikkeld voor de lezer als je zomaar ineens naar een andere vorm gaat!

We praatten over het maken van hele zinnen, het kiezen tussen tijden, over spelling en deden ondertussen ook nog een quizje over interpunctie (moeilijk woord!) waar iedereen in alle klassen alle vragen goed had. Iedereen wist dat een zin eindigt met een punt. Dat daarna een hoofdletter komt. Wat een komma voor een ding is. En zelfs de aanhalingstekens waren bij heel veel kinderen al hartstikke bekend.

Na mijn powerpoint kwam een grote verrassing... Ik gaf weer een portietje huiswerk mee. En niet zomaar huiswerk. Of iedereen met alle nieuw geleerde dingen van deze dag nóg een keer naar zijn of haar verhaalbegin wilde kijken... En het dan herschrijven... Poeh! Wat een klus. En wat ben ik benieuwd wat daar voor een mooie dingen uit gaan komen.

Volgende week gaan we lekker speuren in de bibliotheek, maar de week daarna knallen we weer door met verhalen!