Over beginnen met beginnen
Een begin, een midden en een einde. Elk verhaal heeft ze, dat is zo logisch als wat. Maar hoe doe je dat nou, als je aan het schrijven bent? Een echt goed begin op papier zetten? Wat vertel je al wel en wat nog lekker niet?
In alle klassen waren groepjes gemaakt van twee of drie kinderen samen en elk groepje had een idee voor een verhaal bedacht. Want zo beginnen alle schrijvers toch met hun verhalen? Met een allereerste idee.
Ik vertelde hoe dat zat met dat begin, dat midden en dat einde. Met problemen en oplossingen in verhalen en de stapel vragen die een schrijver zichzelf de hele tijd stelt. We praatten veel over sprookjes, omdat je juist daar vaak zo goed kan zien hoe het verhaal in elkaar zit.
En toen ging iedereen aan de slag. Er werd geschreven over een reus met een flapoor, raadselachtige briefjes die leidden tot reizen naar de Noordpool, over verdwalen, voetbal, zeemirminnen, spionnen, cavia’s, konijnen, draken die aan zangwedstrijden meededen, paardrijden, monsters en superhelden, een Legostad, feesten, verliefd zijn, stuntmannen, bommen, brand, een onbewoond eiland, zomerkampen, zombies, spooknachten en nog veel meer.
Er werd VAN ALLES verzonnen. En al die verzinsels moesten beginnen van verhalen opleveren. De een vond het simpel, de ander had het lastiger. Sommige schrijfgroepjes werden het snel met elkaar eens, in andere groepjes was er meer discussie.
In de rest van de week kon er doorgewerkt worden, de beginnen kwamen mijn schoolschrijversmailbox binnen en een week later...
